boekomslag Kathleen Glasgow - Girl in pieces

Charlotte Davis is in pieces. At seventeen she’s already lost more than most people do in a lifetime. But she’s learned how to forget. The broken glass washes away the sorrow until there is nothing but calm. You don’t have to think about your father and the river. Your best friend who is gone forever. Or your mother, who has nothing left to give you.

ikvindlezenNIETleuk meer info over boek

Over het verhaal

Like a baby harp seal, I’m all white. My forearms are thickly bandages, heavy as clubs. My tighs are wrapped tightly, too; white gauze peeks out from the shorts Nurse Ava pulled from the lost behind the nurses’ station.
Like an orphan, I came here with no clothes. Like an orphan, I was wrapped in a bedsheet and left on the lawn of Regions Hospital in the freezing sleet and snow, blood seeping through the flowered sheet.
The security guard who found me was bathed in menthol cigarettes and the flat stink of machine coffee. There was a curly forest of white hair inside his nostrils.
He said, “Holy Mother of God, girl, what’s been done to you?”
My mother didn’t come to claim me.
But: I remember the stars that night. They were like salt against the sky, like someone spilled the shaker against very dark cloth.
That mattered to me, their accidental beauty. The last thing I thought I might see before I died on the cold, wet grass. (blz. 3)

Charlotte, of Charlie, is 17 jaar. Ze is in het ziekenhuis terechtgekomen nadat ze haar armen en benen heeft opengesneden. Na het ziekenhuis gaat ze naar een opvangtehuis. Haar kamergenoot is Louisa.

I room with Louisa. Louisa is older and her hair is like a red-and-gold noisy ocean down her back. There’s so much of it, she can’t even keep it in with braids or buns or scrunchies. Her hair smells like strawberries; she smells better than girl I’ve ever known. Ik could breathe her in forever.
My first night here, when she lifted her blouse to change for bed, in the moment before that crazy hair fell over her body like a protective cape, I saw them, all ot them, and I sucked my breath in hard.
She said, “don’t be scared, little one.”
I wasn’t scared. I’d just never seen a girl with skin like mine. (blz. 5)

Bijna alle meiden in dit opvangtehuis doen aan zelfverminking. Ze krijgen therapie, zowel een-op-eengesprekken met een therapeut als groepsgesprekken. Charlie praat nergens over. Ze wordt al snel Silent Sue genoemd.

Casper asks, “How do you feel?”
Every day, she asks me this. One day a week, someone else asks me – Doc Dooley, maybe, if he’s pulling a day shift, or the raspy-voiced, stiff-haired doctor with too-thick mascara. I think her name is Helen. I don’t like her; she makes me feel cold inside. One day a week, on Sundays, no one asks us how we’re feeling and that makes some of us feel lost. Jen S. will say, mockingly, “I am having too many feelings! I need someone to hear my feelings!”
Casper waits. I can feel her waiting. I make a decision.
I write down what it feels like and push the paper across Casper’s desk. My body is on fire all the time, burning me away day and night. I have to cut the black heat out. When I clean myself, wash and mend, I feel better. Cooler inside and calm. Like moss feels, when you get far back in the woods.
What I don’t write is: I’m so lonely in the world I want to peel all of my flesh off and walk, just bone and gristle, straight into the river, to be swallowed, just like my father.
Before he got sicker, my father used to take me on long drives to the north. We would park the car and walk the trails deep into the fragrant firs and lush spruces, so far that sometimes it seemed like night because there were so many trees, you couldn’t see the sky. I was small then and I stumbled a lot on stones, landing on mounds of moss. My fingers on the cold, comforting moss always stayed inside me. My father could walk for hours. He said, “I just want it to be quiet.” (blz. 27)

Langzaam maar zeker gaat het beter met Charlie en op een dag krijgt ze te horen dat ze het opvanghuis moet verlaten. Het is de bedoeling dat Charlie tijdelijk bij haar moeder gaat wonen, maar ze kunnen slecht met elkaar opschieten. Charlie regelt met een vroegere vriend van haar dat ze naar Tucson mag komen om tijdelijk in zijn appartement te wonen. Ze vindt het zwaar om alleen te zijn. Ze vindt een baantje als afwashulp in een café en ze krijgt een relatie. Zal het goed komen met Charlie? Kan ze voorkomen dat ze weer aan zelfverminking gaat doen? Heeft ze nog contact met haar medebewoners uit het opvanghuis?

Mening over het boek

Recensie van Ikvindlezenleuk (Mathilde) (ouder dan 18 jaar)
Hoe kom je aan het boek?
Zelf gekocht
Wat vind je van het boek?
Waarom heb je dit boek uitgekozen om te lezen?
Ik vond de tekst op de achterkant leuk, dit boek las ik voor de juni-bijeenkomst van de Bored to Death YA Book Club
Welke steekwoorden passen bij het boek?
fascinerend, realistisch, romantisch, verrassend, zielig
Staan er illustraties in het boek? Wie heeft ze gemaakt?
Wat vind je van de illustraties? Passen ze bij het verhaal?
Is het boek moeilijk of gemakkelijk te lezen?
Waar gaat het verhaal over?
Zie hierboven
Wie is de hoofdpersoon?
De hoofdpersoon is Charlie (Charlotte), een meisje van 16 jaar
Zou je iemand uit het verhaal willen ontmoeten? Waarom? En wat zou je dan gaan doen?
Ik wil Charlie ontmoeten, omdat ik wil weten hoe het verder met haar gaat na het boek
In welke tijd speelt het verhaal zich af?
Waar speelt het verhaal zich af?
Het verhaal speelt zich af in Amerika
Waarom moeten anderen dit boek lezen?
Het is een zielig en hoopvol verhaal over een meisje dat zichzelf verwondt en hier vanaf wil komen
Wil je nog iets anders vertellen over het boek?
Het laatste deel van het boek heb ik met tranen in mijn ogen gelezen
Wil je het boek nog een keer lezen?
Ik wil het boek misschien nog een keer lezen, Ik wil andere boeken van deze schrijver lezen